De zichtbare schakel.
Iets voor achten is het een drukte van belang op de Wezelstraat. Zo’n zeventig verzorgenden en verpleegkundigen komen hun rooster voor de woensdagochtend ophalen. Nog even wat kletsen met elkaar en/of belangwekkende informatie uitwisselen en dan met de fiets of auto de wijk in.
Ik ben op zoek naar Dries Ibes. Ik ga een ochtend met hem mee. Hij zal me Woensel West laten zien. Dries heeft geen rooster. Dries is een “zichtbare schakel”. Wat dat precies is, weet ik nog niet. Daar ga op deze druilerige winterochtend achter komen.
Ik heb natuurlijk wel wat voorwerk gedaan. Op de website oudwoensel.nl staat het volgende vermeld:
Graag stellen wij ons aan u voor: wij zijn Martha Dreverman, Madeleen Wessels, Dries Ibes en Piet Wissink. Wij werken als wijkverpleegkundige in Woensel Zuid en zijn in dienst van ZuidZorg en SVVE de Archipel.
Wij komen dagelijks bij wijkbewoners over de vloer om bijvoorbeeld medicijnen te geven of een wond te verzorgen. U kunt nu ook bij ons terecht met vragen over bijvoorbeeld gezondheid, veiligheid en wonen. Daarmee wordt de ouderwetse functie van wijkverpleegkundige een beetje in ere hersteld. Er is nu wel een nieuwe naam voor bedacht: wij heten nu ‘Zichtbare Schakel'. We worden zo genoemd omdat wij een belangrijke schakel zijn tussen ú, de wijkbewoners, en andere instanties. Maakt u zich zorgen over uw eigen gezondheid of die van één van de buren? Ook kunnen wij u verder helpen met vragen over bijvoorbeeld de veiligheid in de buurt of aanpassingen in uw eigen huis. Omdat we veel samenwerken met de huisartsen, woningbouw-verenigingen, welzijn en andere instanties, weten we de juiste wegen te bewandelen. Wij krijgen hier extra tijd voor en u hoeft er niets voor te betalen.
Klinkt goed natuurlijk, zo’n website. Maar hoe ziet dat werk er nu echt uit? Daar kom je pas achter als je met Dries mee gaat.
Ergens rond half negen zitten we binnen bij een dame van 77 jaar. Man lief ligt nog in bed. Voor de deur stopt een scootmobiel met moeder (achter in de 30) en kind (4 jaar) erop. De deur zwaait open en het jongetje stapt binnen. Onmiddelijk gooit hij zijn fles door de kamer en roept iets onduidelijks naar zijn oma. Hij wil zijn opa gaan wakker maken, maar dat mag niet van oma. Zijn oma moet hem wegtrekken bij de slaapkamerdeur. Het kind begint te huilen en gillen. Hij maakt zich vrij door uit zijn jas te glippen, om vervolgens op de gang te gaan liggen mokken.
Nu pas zie ik zijn moeder ook in de kamer staan. Ze zegt dat het een lasting kind is, dat altijd zo raar doet. Vanwege de scootmobiel dacht ik dat ze invalide was, maar dat is niet het geval. Ze vindt het gewoon een handig vervoermiddel om haar kind mee naar school te brengen. Ik vraag vriendelijk of het kind niet op tijd op school hoeft te zijn. Volgens moeder zijn het aardige, nieuwe juffen, die tegen haar gezegd hebben dat het niet uitmaakt wanneer ze haar kind naar school komt brengen.
Dries vraagt de moeder hoe het bevalt om weer zelfstandig in haar eigen huis te wonen. Ik begrijp dat ze tot voor kort in het huis van oma heeft gewoond. Ze zegt dat het nog wel wennen is en dat het verder van school ligt.
Dries stelt vast, dat het wel beter voor oma is. Het was veel te druk in huis voor een vrouw van 77 met diabetes. Mevrouw beaamt dat. Ja het was echt veel te druk. Het gaat nu ook een stuk beter met haar suiker. Voor de zekerheid controleert Dries even de bloedsuikerspiegel. Alles is ok.
Langzaam maar zeker nemen we afscheid. Het jongetje komt mokkend weer binnen lopen. Hij begint weer met zijn oma te praten. Erg duidelijk is het allemaal niet wat hij zegt. Maar hij is in ieder geval weer rustig. Haast om hem naar school te brengen hebben ze niet. We zeggen gedag en lopen naar buiten.
En daar vertelt Dries wat er allemaal aan de hand is met dit gezin. Het begon met een klacht van de bovenburen dat er vaak geluidoverlast was. De zichtbare schakel (Dries dus) heeft regelmatig overleg met andere instanties die zich bezig houden met Woensel West. Het gezin bleek bekend te zijn bij de huisarts, de sociale dienst en de MEE gezinscoach. Oma en opa bleken beiden lag begaafd te zijn, evenals hun dochter. Maar het gezin wilde geen zorg of hulp aanvaarden. Uiteindelijk is Dries binnen kunnen komen via de diabetes van de oma. Hij houdt nu het gezin in de gaten. Ze accepteren hem en luisteren naar zijn adviezen. Zo bleek in de kerstvakantie de tuin opgeruimd te zijn, die zwaar vervuild was. Dries heeft de dochter e rook van kunnen overtuigen om weer in haar eigen huis te gaan wonen, zodat oma wat meer rust krijgt.
Het zijn kleine stapjes, maar het helpt. De geluidsoverlast is ook afgenomen. Nu kan er misschien ook wat meer aandacht voor het kleine jongetje komen. Hij is vier, kan niet goed praten en loopt nog met een luier aan. Hier vormt zich een nieuw problem, als er niet snel wat verandert ….
Die zelfde ochtend komen we nog op vele andere plekken. Steeds komt Dries binnen als zorgverlener, maar altijd is er meer aan de hand. Soms stopt Dries onderweg de auto om even een praatje te maken met een buurtbewoner. En een bezoek aan “De Tulp” is vaste prik. Het is en huiskamerproject voor kwestbare mensen. Een sociaal maatschappelijk werker van de GGZ Eindhoven is gastheer van De Tulp. Samen met Dries neemt hij de buurt door. Wat gaat goed, wat kan beter? En wie moet er nu de volgende stap zetten, om het leven en de gezondheid van deze mensen een stapje de goede kant op te helpen?
Voor ik het weet is de ochtend voorbij. Nu snap ik iets beter wat de zichtbare schakel is. Ze spelen een belangrijke rol in de levens van de mensen in een wijk als Woensel West. Ze voorkomen dat allerlei organisaties langs elkaar heen werken. Ze leggen ook een lijntje naar vrijwilligers die actief zijn in de wijk.
Zo maken ze de wijk leefbaarder. En dat is nodig ook. Want in een wijk als Woensel West kom je heel wat dingen tegen, die je in je eigen woonwijk toch liever niet tegen komt. En dan is geluidoverlast nog echt het kleinste probleem.
Bezoek Thuisdiensten 30 september
Niets is beter voor een mens, dan om onder de mensen te zijn.
Natuurlijk is bovenstaande uitspraak waar. Maar het bijzondere is dat deze uitspraak gedaan werd door een van de cliënten van Zorg op Afstand van ZuidZorg. Blijkbaar lukt het Thuisdiensten om onze cliënten het gevoel te geven dat ze onder de mensen zijn. Weliswaar met behulp van techniek. Maar zo voelt dat dus blijkbaar niet.
Hoe doet Thuisdiensten dat? En wat doet Thuisdiensten nou eigenlijk precies? Dat is voor velen binnen en buiten ZuidZorg niet precies duidelijk. En dat is ook niet zo raar, want een aantal diensten, zoals Zorg op Afstand {bereikbaarheid wordt voor ZuidZorg al vanaf de start van de Zorgcentrale geleverd} wordt nog maar betrekkelijk kort aangeboden door ZuidZorg. Terwijl andere diensten, zoals de Maaltijdenservice, bereikbaarheid en Personenalarmering, eerder werden aangeboden onder de naam Tympaan. En het kan goed zijn dat de lezer nog nooit gehoord heeft van het adviesbureau VanMorgen.
Al met al een goede reden voor mij om op een mooie zonnige vrijdag eens naar de derde etage van het centrale kantoor op de Run in Veldhoven en “Het Witte Huis” naast dit Centrale Kantoor te gaan. Het doel was duidelijk. Wat gebeurt er nu eigenlijk precies bij de afdeling Thuisdiensten van ZuidZorg?
Bereikbaarheid + Zorg op Afstand + Personen Alarmering = De ZorgCentrale.
Alle zorg begint natuurlijk met een eerste telefoontje. Op de bovenste verdieping van het Centraal Kantoor zitten intussen al 84 medewerkers in de functies van telefonist, verzorgende en verpleegkundige om al die telefoontjes en oproepen aan te nemen. 24 uur per dag, 7 dagen per week en 365 dagen per jaar wordt te allen tijde de telefoon opgenomen.
Een van hen is Colinda Kaptheijns. Al meer dan 4 jaar zit Colinda achter de telefoon. De telefooncentrale van ZuidZorg is erg laagdrempelig, vertelt ze. Ouders bellen soms midden in de nacht op, omdat hun kind hoge koorts heeft. Een wat verwarde, oudere dame belt op om het telefoonnummer te vragen van het gemeentehuis. Maar ook belt een man op om te vragen of zijn verband verschoond kan worden op zondagavond. Maandagochtend moet hij heel vroeg in het ziekenhuis zijn voor zijn chemo en hij wil daar netjes verschijnen.
Wat verder op in de kantoortuin zit Maria Vrijssen. Maria werkt al 10 jaar op de Zorgcentrale. De laatste vier jaar doet ze ook Screen to Screen zorg. Zij behandelt allerlei binnenkomende (beeld-)telefoontjes van cliënten en medewerkers van ZuidZorg. Soms met beeld en soms zonder. Een medewerker vraagt om een afspraak met een pedicure voor haar cliënt. Een buurtbewoner belt op om te vragen of PuntExtra iets kan doen aan de verwilderde tuin van de buurvrouw.
Maria is ook achterwacht voor de Personen Alarmering. Ruim 13.000 cliënten kunnen via dit systeem alarm slaan als er iets aan de hand is. Enkele verpleegkundigen voeren bij ieder alarm een triage uit. Ze beoordelen onmiddellijk of er sprake is van een levensbedreigende situatie of dat er iets anders aan de hand is. Afhankelijk van de situatie zetten zij hulpdiensten als ambulance of huisarts in, maar zij kunnen ook mantelzorgers inschakelen of zorgverleners van Thuis Zorg. Deze gaan dan ter plaatse kijken wat er aan de hand is. Zij kunnen het huis binnen, dankzij de sleutelkastjes die ZuidZorg monteert bij alle cliënten die dit graag willen hebben als extra service.
In een aparte kamer zit Corry Chatrou. Zij bezoekt met behulp van beeldscherm contact (Screen to Screen) een ronde van vaste cliënten. De Persoonlijke Verzorging wordt hier gedeeltelijk op afstand uitgevoerd. Als extra biedt dit de mogelijkheid van een wekservice en/of welterusten-service.
Ik mag van Corrie ook even praten met een van haar cliënten. Mevrouw Dohmen is zeer tevreden met deze Zorg op Afstand. Ze woont alleen. Haar man is vijf jaar geleden gestorven en ze heeft geen kinderen. Door Zorg op Afstand heeft ze regelmatig contact met mensen. Ze is vandaag wat benauwd en daarom wil ze graag nog even spreken met ”haar vriendin Corry”.
Door mijn bezoek aan Colinda, Maria en Corry kom ik er achter dat De Zorgcentrale het kloppend hart van ZuidZorg is. “Alle zorg begint met een eerste telefoontje” wordt hier werkelijkheid. En dat eerste contact moet goed zijn. En ik ben er achter gekomen dat de Zorgcentrale dat waarmaakt. Met aandacht en warmte worden onze cliënten ontvangen en verder geholpen. Het motto van ZuidZorg “Vertrouwd Dichtbij“ is weer geheel op zijn plaats.
De Technische Dienst.
Achter de wereld van Zorg op Afstand zit de complexe wereld van de techniek. Dat is natuurlijk in de eerste plaats de wereld van de internetproviders zoals UPS en ZIGGO, maar ook de wereld van de mobiele telefonie VODAFONE en KPN.
Thuisdiensten heeft voor de Screen to Screen hulp een vast contract met een tweetal technische telecombedrijven. Maar de installatie van de technische apparatuur doet Thuisdiensten zelf. En terecht, want het installeren gebeurt natuurlijk bij clienten die over het algemeen niet veel van techniek weten en bovendien niet altijd precies begrijpen wat er allemaal gaat gebeuren en waarom.
Om die reden werkt Thuisdiensten met vijf vaste monteurs en zo’n 25 vrijwilligers. Zij zijn vakkundig, maar ze zijn ook in staat om goed met onze cliënten om te gaan. Henri Lammerts van Bueren is zo’n vrijwilliger. In alle rust legt hij uit wat er gaat gebeuren. Hij vertelt hoe de Personen Alarmering werkt aan een cliënt die herstellende is van een schouderoperatie. Geduldig en belangstellend luistert hij naar haar verhaal. “ Ze wilden me eerst op een logeerkamer leggen in De Kempenhof”. Maar op het ziekenhuis zeiden ze tegen mij. “ Da’s niks voor jou”. “ Als ge nou ns ZuidZorg nimt, met ’n alarm”. En dat had ze dus gedaan. “En da’s veul beter. Nou kende doen wa ge wilt”.
Gerjo van Swanenberg is in vaste dienst bij ZuidZorg als installateur. Hij heeft jaren gewerkt bij de KPN. Maar daar ging het alleen nog maar om geld en produktie maken. Gerjo bevestigt het verhaal. Nu mag ik weer een praatje maken met de klant. Sterker nog dat moet hier. Ik heb het reuze naar mijn zin bij ZuidZorg.
Maaltijdenservice
Ook de maaltijdenservice hoort bij Thuisdiensten van ZuidZorg. Jaarlijks worden een kleine 300.000 maaltijden aangeboden door 80 vrijwilligers en een klein clubje medewerkers. Tijdens mijn bezoek krijg ik tussen de middag een maaltijd aangeboden uit het ZuidZorg-assortiment. Het is 30 september 2011. Het is buiten 25 graden en we eten erwtensoep en stamppot met hachee. Aan tafel zit een aantal vrijwilligers, en alle medewerkers van Thuisdiensten die in huis zijn. We laten het ons goed smaken. De kwaliteit is goed. Samen stellen we vast dat het naar echte boerenkool smaakt.
De vrijwilligers vertellen hetzelfde verhaal als bij de Technische Dienst. Het is leuk en zinvol werk. Je leert je klanten echt kennen. Je maakt af en toe een praatje. Je wordt een huisvriend van de ZuidZorg- cliënten.
Het bedrijfsbureau.
Je zou het bijna vergeten, maar al die diensten moeten natuurlijk wel op een of andere manier geregisseerd, geregistreerd en betaald worden. Na de overheerlijke wintermaaltijd bezoek ik het bedrijfsbureau. Daar maak ik kennis met de wijze waarop de intake plaatsvindt van cliënten, hoe een en ander geregistreerd wordt en hoe de facturering plaats vindt. Hier wordt intensief samen gewerkt met De ZorgCentrale. Als zij iemand aan de telefoon krijgen moet onmiddellijk in beeld verschijnen wie de cliënt is, welke zorg hij of zij ontvangt, etc etc. Goede informatie is soms van levensbelang.
Ook is er veel contact met de technische wereld. Als een cliënt een andere telefoonmaatschappij neemt, heeft dat allerlei gevolgen voor de technische aansluitingen. Als een telefoonprovider besluit om in de nacht technisch onderhoud te plegen, heeft dat gevolgen voor de Personen Alarmering.
Ook is hier aandacht voor de klanttevredenheid. Deze wordt regelmatig gemeten. En hier worden de klachten afgehandeld. Op het bedrijfsbureau wordt met behulp van speciale software en veel improvisatievermogen door een team van ongeveer tien dames een hele ingewikkelde zorgwereld in de lucht gehouden. En dat gebeurt met veel enthousiasme en toewijding.
De Zorg VanMorgen
Thuisdiensten van ZuidZorg krijgt iets voor elkaar dat op andere plekken in Nederland niet lukt. Wij leveren Zorg op Afstand aan zo’n 700 cliënten. 13.000 cliënten zijn aangesloten op de Personen Alarmering. De bereikbaarheidsdienst handelt zo’n 1.500 telefoontjes per dag af.
Onze ZorgCentrale is technisch up to date. Wij leveren zorg aan onze eigen cliënten, maar ook aan cliënten van andere zorgverleners. Er heeft zich zelfs een huisartsenpost gemeld die zich wil laten aansluiten op onze ZorgCentrale.
Thuisdiensten heeft zichzelf dan ook ten doel gesteld om een van de grote ZorgCentrales van Nederland te worden. Maar dat kan alleen als we hoogwaardige kwaliteit kunnen garanderen. In een nagesprek met Angelina Peters en Gerard van Glabbeek wordt me uitgelegd welke kwaliteitssystemen er nodig zijn om dit te bereiken. Dit vraagt om de nauwkeurige beschrijving van alle werkprocessen en een risico analyse op al deze processen. Alleen dan kun je garanderen dat je 24/7/365 in de lucht bent. Alleen dan kun je garanderen dat Zorg op Afstand ook echt altijd werkt.
Gerard en Angelina laten zien dat Thuisdiensten hier al heel ver mee is. Waarschijnlijk is Thuisdiensten de eerste organisatie die gecertificeerd zal worden voor de nieuwe NEN8028 norm.
Hoe dan ook, het geeft een veilig gevoel dat Thuisdiensten zich ook uitgebreid met dit soort zaken bezig houdt.
En als laatste onderdeel van mijn werkbezoek kwam ik uit bij VanMorgen. Monique Kemner en Toon van der Looy lieten me zien dat Thuisdiensten van ZuidZorg intussen zo veel weet van Zorg op Afstand, dat andere zorginstellingen graag van ons willen leren.
Om die reden is VanMorgen opgericht. Een aparte BV die andere zorginstellingen leert hoe ze Zorg op Afstand kunnen opzetten en uitvoeren. Het gaat daarbij natuurlijk om de techniek, maar vooral ook om de samenwerking tussen een zorgorganisatie en een zorgcentrale.
VanMorgen geeft cursussen en begeleidt zorginstellingen om die stap te maken. Het ministerie van VWS heeft ZuidZorg gevraagd om andere zorginstellingen hierbij te helpen. Het ministerie betaalt hiervoor via een subsidiesysteem. VanMorgen levert deze diensten.
De oprichting van VanMorgen toont aan dat ZuidZorg goed op weg is. Zeker dankzij Thuisdiensten. Maar vooral ook omdat er zo’n goede samenwerking is tussen Thuisdiensten en de ander afdelingen van ZuidZorg. Die samenwerking is “ het echte geheim van ZuidZorg ”.
NB:
Op donderdag 24 november 2011 is er tussen 15.00 en 21.00 uur een open dag van Thuisdiensten.
Iedereen is welkom op het Witte Huis (naast Het Centraal Kantoor De Run 5601 Veldhoven).
Thijs en Marc volgen samen een
inwerkprogramma.
Op woensdag 27 april mocht ik me om 8.15 uur melden bij kraamverzorgende Gerie van Doorn. Op een rustig hofje in Eindhoven was duidelijk zichtbaar waar een kindje geboren was. Daar moest ik zijn. Gerie zou me ontvangen om met haar mee te lopen als kraamverzorgende.
Officieel ben ik op 1 april begonnen als Voorzitter van de Raad van Bestuur van ZuidZorg. Bij mijn inwerkperiode hoort natuurlijk een bezoek aan alle verschillende sectoren van ZuidZorg. En omdat ik het erg leuk vind om kennis te maken door mee te werken, was voor deze vorm gekozen. Meelopen met een (zeer) ervaren kraamverzorgende, Gerie van Doorn.
Na een overheerlijk kopje thee en een beschuit met muisjes mocht ik mee om Thijs in zijn badje te doen. Als ervaren vader (ik heb drie, inmiddels grote kinderen) kon ik vaststellen dat er wat dat betreft nog niet veel veranderd was. De watertemperatuur werd gemeten met een badthermometer, maar Gerie controleerde het nog even routineus met het puntje van haar elleboog. Thijs heeft van zijn badje genoten en kreeg even later zijn welverdiende voeding.
Daarna was er uitgebreid tijd om te praten over het werk van kraamverzorgende. Het doorspreken van de voorbije nacht, medische controle van de kraamvrouw, advies geven over de borstvoeding, huishoudelijk werk in de kraamkamer en badkamer, het voorbereiden van het avondeten, etc. Natuurlijk is ook het invullen van de hele papierwinkel in de keurige kraamzorgmap doorgesproken.
Al met al heb ik een mooi doorkijkje gekregen in het werk van een kraamverzorgende. Vooral ook in de diepere opdracht, die bij het werk hoort. In het geval van Thijs en zijn moeder Greet liep alles gladjes. Thijs is de tweede zoon van Greet en Thijs is zeer welkom in een stabiel gezin. Medisch was alles perfect verlopen. Maar zo gaat het natuurlijk niet altijd. En dan is de kraamverzorgende een rots in de branding. Het houvast in soms hele lastige situaties.
Gerie van Doorn vertelde me dat ze prachtig werk heeft en dat kan ik wel beamen. Het moet veel voldoening geven om dit werk te kunnen doen, ondanks de onregelmatige diensten, de roosters, de wachtdagen, etc.
En ik ging na de kennismaking met Thijs verder met mijn inwerkprogramma. Op naar het consultatiebureau De Jagershoef.
Ik heb veel van geleerd van deze stage. Ik heb ZuidZorg wat beter leren kennen en ik heb kunnen oefenen als opa. In juni en september a.s. worden er in onze familie twee kindjes geboren. Thijs, Greet en Gerie bedankt voor de ontvangst.
Marc Veldhoven maakt kennis met de
Jeugdgezondheidszorg.
Op 27 april mocht ik een dagje kennismaken met de Ouder Kind Zorg (OKZ) van ZuidZorg. En dat was voor mij een hele belevenis. Natuurlijk ben ik vroeger wel eens op een consultatiebureau geweest met mijn eigen kinderen (ik heb er 3), maar dat is toch al gauw zo’n 25 jaar geleden. Bovendien was ik toen cliënt, terwijl ik nu aan de kant van de professionals mocht meekijken.
Officieel ben ik op 1 april begonnen als Voorzitter van de Raad van Bestuur van ZuidZorg. Bij mijn inwerkperiode hoort natuurlijk een bezoek aan alle verschillende sectoren van ZuidZorg. En omdat ik het erg leuk vind om kennis te maken door mee te werken, was voor deze vorm gekozen.
Als eerste mocht ik meelopen met een (zeer) ervaren CB assistente Ingrid Netten. Ingrid werkt op het CB De Jagershoef te Eindhoven. Ingrid vertelde me dat ze eerst bij V&V gewerkt had, maar intussen was omgeschoold tot CB assistente. Ingrid is de gastvrouw van het consultatiebureau en daarmede het gezicht van ZuidZorg voor de cliënten. Aan alles is te merken dat Ingrid van haar werkt houdt. Ze zorgt dat de cliënten keurig ontvangen, stelt de kinderen op hun gemak, werkt MLCas bij, maakt nieuwe afspraken, etc etc. En Ingrid is immuun voor huilende baby’s en dat is een niet onbelangrijke eigenschap, wil je dit werk kunnen doen.
Vervolgens mocht ik aanwezig zijn bij een afspraak van een jong echtpaar en hun vier weken oude baby met de jeugdarts Marloes Coenen. Het betrof een eerste kennismakingsgesprek. Het was mooi om te zien hoe Marloes het echtpaar op hun gemak probeerde te stellen en toch heel rustig en handig de benodigde informatie verkreeg om goede jeugdzorg te kunnen verlenen. De jonge ouders gingen opgelucht weg, met enkele belangrijke adviezen op zak.
Daarna mocht ik getuige zijn van de eerste vaccinaties bij een (toen nog) blije baby door OKZ verpleegkundige Genoveva Kraan. Maar ook hier ging het om veel meer dan alleen een vaccinatie. Zowel arts Marloes als OKZ verpleegkundige Genoveva stellen ouders gerust, voorzien hen van opvoedingsadviezen en bieden een luisterend oor. Zo kwam bij Genoveva met het grootste gemak de PPD-Nos problematiek van een negenjarig zoontje op tafel, inclusief de problemen die de moeder van de baby met haar ex had.
In de middag mocht ik mee op postnataal huisbezoek met Wies van Ham. Wies werkt als OKZ verpleegkundige in het gezondheidscentrum aan de Thomas à Kempislaan te Eindhoven. Zo maakte ik kennis met een echtpaar afkomstig uit Afghanistan en Pakistan. Bij hen was net het vierde kind geboren. Een jongetje met de naam Eunice. Eunice lag lekker op schoot bij oma. En moeder probeerde in haar beste Nederlands de vragen van Wies te beantwoorden. Na enige tijd kwam ook vader helpen bij het beantwoorden van de vragen. Wies kende de familie al. Ook bij de vorige kinderen was ze al bij de familie binnen geweest. Ik stel samen met Wies vast, dat dit soort continuïteit in de zorg zeer belangrijk is. Er was al vertrouwen bij binnenkomst en Wies kon eenvoudig tot de belangrijkste zaken doordringen en zo kon ze vast stellen of er sprake was van een stabiele opvoedingssituatie.
Aan het einde van de dag ben ik nog aanwezig geweest bij het inloopspreekuur van Ingeborg Faber. Het was druk. Een stuk of acht baby’s werden gewogen en gemeten. Maar steeds ging het eigenlijk om iets anders dan het gewicht of de lengte. Krampjes, spruw, borstvoeding, noem maar op. Onzekere ouders kregen steeds te horen dat ze zich niet al te veel zorgen hoefden te maken. En opgelucht gingen de ouders weer een voor een naar buiten.
Natuurlijk heb ik ook steeds nagepraat met de professionals die me zo gastvrij hebben ontvangen. Ik heb ze steeds oa ook gevraagd, wat zij als eerste zouden doen als ze mijn baan zouden hebben. Het antwoord op deze vraag was eigenlijk steeds ongeveer hetzelfde. Iedereen vond het belangrijk dat het management goed contact houdt met de werkvloer.
Ik heb ze plechtig beloofd dat ik dit soort bezoeken vaker zal afleggen. Ook na mijn inwerkperiode. Managers zijn er om er voor te zorgen dat de professionals in de zorg hun werk goed kunnen doen. En dan moet je als manager dus wel weten wat er op de werkvloer gebeurd. Vandaar dat dit eerste werkbezoek me zo goed bevallen is. Ik heb aardig zicht gekregen op de jeugdgezondheidszorg denk ik.
Ingrid, Marloes, Genoveva, Ingeborg en Wies, bedankt daarvoor. En tot snel.
Ontbijten met VoDi
Op donderdag 19 mei zat ik om kwart over acht in de ochtend om tafel met een vertegenwoordiging van VoDi, in het kader van mijn kennismaking met ZuidZorg. Het betrof echter geen gewoon overleg, maar we zaten met z’n zessen rond een welgevulde dis. Een ontbijt bestaande uit drie soorten brood, 30 plus kaas, light magarine, aarbeien, meloen, activia yoghurt, magere ham, jus d’orange en dan ben ik vast nog een paar zaken vergeten. O ja: Gerard van Bakel zorgde voor de (iets te) hard gekookte eitjes.
Men kan het slechter treffen op een gewone donderdagochtend was mijn eerste gedachte. Maar al snel ging het over mijn eetgewoontes. Het gezelschap van voedingsspecialisten (Andrea Boullart, Wendy Da Silva, Nicole Broeren en Bernadette Rooijakkers) waren het er snel over eens dat mijn gewoonte om niet te lunchen tussen de middag tegen alle regels in ging. Insulinepieken werden mij in het vooruitzicht gesteld. En ook mijn dagelijkse consumptie van Becel Pro Activ (cholesterol verlagend) kon niet geheel door de beugel. Het heeft pas zin als je per dag vijf eetlepels (25 gram) van dat spul tot je neemt. En ik kwam niet verder dan twee eetlepels.
Na deze inleidende schermutselingen ging het daarna, in een goede sfeer, over het dagelijkse werk van de afdeling VoDi. De wijze waarop de spreekuren waren ingericht voor Diabetes, Cholesterol, Overgewicht, Ondergewicht en als specialiteiten het spreekuur voor Allergie en het spreekuur Lekkerbek (voor de jeugd). Op een gemiddelde werkdag komen tussen de 10 en 20 cliënten langs. In korte gesprekjes van tussen de 15 en 30 minuten worden cliënten geholpen om hun voedingsgewoonten aan te passen aan hun (medische) situatie. Al snel kreeg ik door dat voedingsspecialisten een solistisch beroep hebben. Veel contact loopt via het internet (mail en MLcas). Men spreekt elkaar natuurlijk bij speciaal georganiseerde bijeenkomsten, maar verder is er voornamelijk contact met cliënten en verwijzers (artsen, praktijkondersteuners etc).
Aan het eind van het genoeglijke, maar nuttige ontbijt kregen we het nog over de toenmende concurrentie. Vrijgevestigde diëtisten enerzijds en verpleeg- en ziekenhuizen anderzijds knabbelen aan het marktaandeel van ZuidZorg. Het gezelschap was zich daar goed van bewust. Men kiest daarbij bewust de lijn om veel professioneel contact te hebben met verwijzers. Dat werkt beter dan reclame maken. Daar zitten artsen en praktijkondersteuners niet op te wachten. Gewoon goed je werk doen en professioneel communiceren, daar draait het om.
Om kwart voor tien werd de maaltijd beëindigd. De cliënten wachtten. En ik ? Ik heb niet eens hoeven afwassen.
Iedereen van VoDi bedankt voor de ontvangst en de maaltijd. Ik kom snel weer een keer langs!
Thuisbegeleiding, een vrij maar zwaar
beroep.
Aan het eind van de dag stap ik in mijn autootje en dan zet ik de radio op 10. En dan wil ik dat ik drie kwartier later de dag vergeten ben, zodat ik er weer kan zijn voor mijn eigen kinderen. Dat zegt Jet Willemsen. Loes van Hees bevestigd dit verhaal. Ik ben van 32 uur per week terug gegaan naar 20 uur en werk nu daarnaast als kok in een restaurant. Een volle week dit werk doen was te veel voor mij. Dan neem ik mijn werk mee naar huis en kom er niet gemakkelijk meer los van.
Nadat ze mij beschreven hebben hoe een normale dag voor een thuisbegeleider er uit ziet, begrijp ik wel waar ze het over hebben. De cliënten die zij begeleiden zitten met veel problemen. Die hebben het zwaar. En niet zo’n klein beetje. En dat maakt hun werk intensief, maar ook leuk en uitdagend.
Tijdens mijn inwerkmiddag bij de thuisbegeleiding kom ik te weten hoe een gemiddelde cliënt er uit ziet bij de PGTB (praktisch gespecialiseerde thuis begeleiding). Lichte gevallen zijn er niet meer zeggen Jet en Loes. Vroeger zat er nog wel eens een tussen waar je je kon ontspannen. Maar door alle bezuinigingen worden alleen de zware en heel zware gevallen nog geïndiceerd.
In de thuisbegeleiding draait het regelmatig om cliënten die met geweld en/of drugs in aanraking zijn gekomen. Vaak ook zijn het gebroken gezinnen waar de kinderen gevaar lopen, dat wil zeggen geen goede opvoeding kunnen genieten, of vaak ook kans lopen op lichamelijke verwaarlozing of erger.
Bij dit soort cliënten zijn er altijd meerdere hulpverleners betrokken. Vaak is dat de JeugdZorg, maar ook de Raad van de Kinderbescherming. Er wordt ook samengewerkt met Novadic Kentron (verslavingszorg) en Neos (crisisopvang, dak & thuislozenopvang etc.).
De thuisbegeleiders zijn vaak degene die als laatste vertrouwd worden door de cliënt. “Als gij mar blijft” krijgen ze dan van een cliënt te horen. Maar dat moet je soms niet al te serieus nemen. Wij moeten vaak met veel partijen samenwerken om de cliënt goed te helpen.
En wat houdt het werk van een thuisbegeleider dan eigenlijk precies in? “Het gaat altijd om kleine stapjes” vertellen Loes en Jet. Het gaat om het structureren van het leven, het huishouden, de opvoeding, de administratie. Dat kunnen deze cliënten vaak niet. Maar vaak begint het gewoon met puin ruimen. De thuisbegeleiding start natuurlijk pas als het eerst flink is mis gelopen. Dat betekent dan dat het huis vaak sterk vervuild is. Uit een kamertje hebben we wel eens 15 vuilniszakken met troep gehaald, zegt Jet.
Langzaam maar zeker bouwen de thuisbegeleiders een relatie op. “Soms duurt het een half jaar voordat het kwartje valt”, zegt Loes. Zo werkt dat nu eenmaal. Mensen hebben vaak tijd nodig om tot inzicht te komen en werkelijk tot gedragsverandering over te gaan. Het is de kunst van het begeleiden om mensen hun proces en tempo te gunnen. Dat maakt ook mijn werk leuk. Keileuk zelfs. Dat motiveert me.
Maar soms gebeuren er ook minder leuke dingen. Een bedreiginkje zo links of rechts komt wel eens voor. Maar ja, daar kunnen we tegen en hoe serieus moet je dat nemen. Ze zijn het de volgende week al weer vergeten.
Toch neemt ZuidZorg dit heel serieus. We kunnen bij elkaar terecht voor intervisie. Het helpt ook als we met z’n tweeën bij een cliënt werken, dan kun je samen overleggen. En als er iets is waar ik echt mee zit, dan kan ik terecht bij Els van de Biggelaar, onze teamleider.
Ik dring nog even aan, of dat nou echt allemaal wel goed geregeld is, maar nee, dat is echt goed geregeld bij ZuidZorg houden ze vol.
Vol bewondering neem ik afscheid van Jet en Loes. Ze gaan nog even naar een cliënt. Hij werkt als postbesteller via de sociale werkvoorziening. Maar hij heeft thuis een ordeningsprobleem. Hij is eenzaam en hij houdt van hamsteren. Fransje Bauer staat altijd keihard aan en hij heeft nog een voorrraad koffie waar hij de komende 50 jaar mee vooruit kan. Bij hem kunnen ze vaak wel even ontspannen. En deze cliënt heeft sonds kort een vriendin. Een andere cliënt van ZuidZorg komt een keer in de week eten. Geen culinaire hoogstandjes, maar ze zijn even niet alleen!
Zorgbemiddelaar = gastvrouw &
vertrouwenspersoon
Op 6 mei ben ik samen met Annemarie Klaassen op huisbezoek geweest bij een nieuwe cliënt voor de Huishoudelijke Zorg. Het betrof een echtpaar, waarvan de vrouw (nog) op de afdeling oncologie van het ziekenhuis lag, terwijl de man dusdanige hartproblemen had, dat hij onmogelijk nog zelfstandig het huishouden kon voeren.
Officieel ben ik op 1 april begonnen als Voorzitter van de Raad van Bestuur van ZuidZorg. Bij mijn inwerkperiode hoort natuurlijk een bezoek aan alle verschillende sectoren van ZuidZorg. En omdat ik het erg leuk vind om kennis te maken door mee te werken, was voor deze vorm gekozen. Ik mocht dus mee op huisbezoek met Annemarie.
Annemarie werkt bij HZ Valkenswaard en Waalre. Ze is een zeer ervaren Zorgbemiddelaar die verantwoordelijk is voor ongeveer 800 cliënten.
Iedere cliënt die kiest voor ZuidZorg krijgt bezoek van Annemarie. Zorgbemiddeling heet dat, maar al snel kwam ik er achter dat ze het net zo goed “vertrouwenspersoon” of “gastvrouw ZuidZorg” hadden kunnen noemen.
In een voorgesprek vertelde Annemarie hoe de keuze van cliënten voor ZuidZorg tot stand komt. Er zijn in Valkenswaard 8 zorgaanbieders, waarvan ZuidZorg misschien de beste, maar zeker de duurste is. Toch hebben we daar een stevig cliëntenbestand, dus iets doen we goed in Valkenswaard! Hoe werkt dat nou precies?
Nou, de cliënt meldt zich bij het zorgloket van de gemeente, legt Annemarie uit. Dan volgt een indicatiestelling, doordat consulenten van de gemeente “keukentafelgesprekken” voeren. Zo komen ze erachter waar de aanvrager behoefte aan heeft. Vervolgens geeft de cliënt aan voor welke zorgorganisatie hij kiest. En dan gaat het indicatieformulier naar het servicebureau van ZuidZorg. En zo komt het formulier dan uiteindelijk bij Annemarie in het postbakje. En dan gaat Annemarie op huisbezoek.
Als zorgbemiddelaar kom je zo overal. In de dikste villa’s, maar ook op het woonwagenkamp. Maar voor alle cliënten geldt, dat ze een heel verhaal met zich meedragen. Ze moeten een stuk zelfstandigheid opgeven en ze moeten vreemde mensen letterlijk in hun keuken laten kijken. En dat is lastig. Het vereist veel tact en inlevingsvermogen. Je moet wel over mensenkennis beschikken om deze baan te kunnen doen. Maar dat is voor Annemarie geen probleem, stel ik vast.
Met het grootste gemak stelt ze vast welk huishoudelijk werk er gedaan moet worden en of de juiste apparatuur en schoonmaakmiddelen aanwezig zijn. Ook schat ze in of het werk gedaan kan worden in de door de gemeente vastgestelde “uren en minuten”.
Maar binnen een half uur weten we ook al hoe de familiale verhoudingen zijn bij de betreffende cliënten. De man stort zijn hart uit bij Annemarie, zodra ze even alleen zijn in de keuken. Ook weten we dat de man alleen op het balkon mag roken van zijn vrouw en dat de Japanse Nachtegalen de laatste tijd erg duur zijn geworden.
En in de tussentijd doet Annemarie nog even handig aan “cross selling”. Of meneer al lid is van Punt Extra, want dat levert 5 % korting op de ziektekostenverzekering op. En of hij soms weet waar de ThuisZorgWinkel precies ligt op het Kastelenplein.
Even wordt het lastig. Meneer maakt gebruik van de PersonenAlarmering van ZuidZorg, maar dat vindt hij eigenlijk veel te duur. 17 euro per maand. En hij heeft alleen maar AOW en een pensioentje van 65 euro per maand. En dat is geen vetpot natuurlijk. Handig legt Annemarie uit dat het wel een veilig gevoel oplevert natuurlijk. Dan blijkt dat de personenalarmering moet van zijn vrouw, nu zij in het ziekenhuis ligt. Daarmee is het onderwerp gesloten!
Ik ben met een vakvrouw op pad. Dat is me intussen wel duidelijk. Annemarie is veel meer dan een zorgbemiddelaar.
En daarnaast is me nog een ding erg duidelijk geworden. Huishoudelijk Zorg wordt vaak gezien als de eenvoudigste vorm van Zorg. Vaak lijkt het alsof er alleen maar huishoudelijk werk wordt gedaan. Maar feitelijk gebeurt er veel meer. Het is Zorg Plus. Het is begeleiding van kwetsbare mensen. Het is een moment in de week, om je zorgen met iemand te delen.
Niet voor niks denkt Annemarie er nog niet over om te stoppen met haar werk, terwijl ze de 60 toch al gepasseerd (al zou je dat niet zeggen). Ze houdt van haar werk. Het is belangrijk werk.
En dat merkt ze vaak pas echt als cliënten een praatje met haar maken bij de Jumbo. Of als ze wordt uitgenodigd voor de begrafenis van cliënten. Dan krijgt ze vaak te horen welk een positieve rol ze gespeeld heeft in de levens van mensen.
Annemarie bedankt, ik ben weer een stuk wijzer geworden over ZuidZorg.
Een kennismaking met het VTT.
(VTT = Verpleegkundig Thuiszorg Technologieteam)
Op de website van ZuidZorg ( www.zuidzorg.nl ) staat het volgend over ons VTT team:
Iedereen wil na ziekenhuisopname zo snel mogelijk weer naar huis. Dat dit verantwoord moet zijn, spreekt voor zich. In het geval van specialistische medische handelingen, schakelen wij het Verpleegkundig Thuiszorg Technologieteam (VTT) in. Zij zijn opgeleid in onder andere het toedienen van infuus, beademing en pijn- en symptoombestrijding.
Op een goede woensdagochtend ben ik om 5 uur opgestaan om de wereld van het VTT team echt te leren kennen. Uit de droge tekst van de website kun je niet afleiden, dat het hier om een zeer dynamisch deel van de ZuidZorgwereld gaat. Op deze ochtend zal ik er achter komen dat dat wel degelijk zo is.
Om zeven uur ’s ochtends zit ik aan de thee in de serre van het woonhuis van Joke Maas, een van de ongeveer 25 leden van het ZuidZorg VTT team. Ze schenkt thee in, bladert door haar papieren (het schema van de woensdagochtend), en belt met een collega. Het internet ligt eruit en dus vindt de overdracht telefonisch plaats. Intussen scharrelt ze tussen haar spullen en zoekt haar TomTom. Zonder een TomTom ben je nergens in het hartje van De Kempen. Onze route gaat van Eersel naar Reusel en daarna naar Weebosch. Ik moet bekennen dat ik nog nooit van Weebosch had gehoord. Een gehucht op een steenworp afstand van de Belgische grens.
Om 7.10 uur gaan we op weg naar onze eerste cliënt. Joke heeft bereikbaarheidsdienst. Gelukkig slaapt bromsnor nog en kan ze in de auto gerust mobiel bellen met de telefoon aan haar oor. Als werkgever moet ik haar dat natuurlijk ernstig afraden, maar ik loop stage, dus hou ik voor een keer mijn mond maar. Keurig op tijd parkeren voor een rijtjeshuis, waar de voordeur op een kier staat. Hard goede morgen roepend loopt Joke naar binnen, om in gesprek te gaan met een pubermeid van 14 jaar met diabetes. Veel pubers met een dergelijke ziekte hebben er moeite mee om hun bloedsuikerspiegel langdurig op het goede niveau te houden. Ze verzetten zich tegen een sobere en strenge leefstijl en brengen daarmede hun gezondheid in gevaar. Joke controleert nogal streng of de cliënt zich aan haar eet- en leefregels heeft gehouden. De hoge bloedsuikerspiegel wijst erop dat ze dat niet heeft gedaan, maar de cliënt geeft geen krimp. En na een uitgebreide discussie over het feit of de jonge cliënt vandaag wel of niet naar school moet gaan, vertrekken we naar het volgende adres.
Achteraf terugkijkend op de ronde, was dit de “lichtste cliënt”die we deze ochtend zouden ontmoeten. De rest van de cliënten hebben allen een ernstige ziekte. In twee gevallen gaat het om vergevorderde stadia van kanker. Waarvan er één, een terminale patiënt is. Hier komt Joke tot haar volle recht. Joke wast cliënten, verzorgt en spoelt (operatie)wonden en controleert medicijnpompjes. Ze ontkoppelt infusen, verzorgt een stoma en plaats (subcutane) injecties. En in de tussentijd praat ze met cliënten en mantelzorgers (partners, kinderen, vrienden) van de cliënt. En in de tussentijd staat de telefoon open en beantwoordt ze in vijf uur tijd zeker tien telefoontjes, die binnenkomen via de Zorgcentrale.
Ik denk wel eens, dat ik een complexe baan heb, maar als ik dat de volgende keer denk, zal ik eerst nog even aan Joke denken. Joke doet technisch hoogwaardig werk en combineert dit met het ondersteunen van cliënten. Ze praat ze moed in, troost ze en neemt angsten weg. In een mooie mix van professionaliteit en menselijkheid slaat ze zich door soms ingewikkelde en diepmenselijke situaties heen.
Veel van haar cliënten kijken de dood in de ogen. Joke helpt ze om daar mee om te gaan en neemt daar waar nodig de tijd voor. Toch lukt het haar om de ronde min of meer op schema af te ronden. Op de terugweg vertelt ze dat het laatste zorgmoment regelmatig het afleggen en verzorgen van de overleden cliënt is. Ze spreekt daar met warmte over. Ze vertelt dat dat vaak hele mooie en waardige momenten zijn, samen met familie en vrienden.
Na deze ervaringen bij het VTT team krijgt het woord “thuiszorg” voor mij weer meer betekenis. Dit team maakt het mogelijk om in je eigen omgeving verzorgd te worden. Het schrikbeeld van lijden en sterven in de onpersoonlijke omgeving van bijvoorbeeld een ziekenhuis wordt zo vermeden. Maar ook het streven naar zorg op menselijke maat wordt een flinke stap dichterbij gebracht.
Om 12.00 uur stap ik vol indrukken weer in mijn eigen auto. En ik voel me trots dat ik bij ZuidZorg werk.
Je eigen website maken!